Collectif Dialogue et Partage

Collectif Dialogue et Partage News

Ecrits des Membres

Geen herdenking zonder slachtoffers

| 19 01 2006

Joël Kotek , Viviane Teitelbaum en Jacques Zajtman - De Standaard - Jeudi 19 Janvier 2006

AAN wie behoort het Joods Museum van Deportatie en Verzet in Mechelen toe?Aan een commissie van 'historici' die de slachtoffers gewoon uitsluiten? Wij denken van niet.

AAN wie behoort het Joods Museum van Deportatie en Verzet in Mechelen toe?Aan een commissie van 'historici' die de slachtoffers gewoon uitsluiten? Wij denken van niet.


De vraag klinkt misschien eigenaardig, maar dat is ze helemaal niet in de ogen van wie verontrust is door wat de Vlaamse regering met dat prachtige pedagogische instrument van plan is. Er is sprake van het Joods Museum van Deportatie en Verzet (JMDV) om te vormen tot een 'Centrum voor de Mensenrechten', of tot een memoriaal van alle genociden en massamoorden van de twintigste eeuw. Dat de Shoah op die manier tot iets banaals gereduceerd wordt, lijdt geen twijfel. Meer nog: het is het expliciete doel van een


aantal ideologen, zoals bleek uit een opiniestuk in De Standaard (,,Een museum met een breed perspectief'' DS 13 december 2005) . Dat het museum van de Shoah omgetimmerd wordt tot iets totaal anders is absoluut onaanvaardbaar.


Het museum is een historische instelling die aan de slachtoffers van de Shoah is gewijd. Ter herinnering: die slachtoffers bestonden voor 98 procent uit joden en voor twee procent uit zigeuners. En hoewel ze op Belgisch grondgebied werden aangehouden, ging het vooral om mensen die niet de Belgische nationaliteit bezaten. De meerderheid was afkomstig uit Polen,


Roemenië of Rusland, maar ook joden van Turkse origine werden opgepakt.


Alleen omdat zij joods waren, werden ze in de Dossinkazerne in Mechelen bij


elkaar gedreven, om vervolgens te worden afgevoerd naar het vernietigingskamp van Auschwitz-Birkenau. Alleen al daarom is het transitkamp van Mechelen een plaats die aan het collectieve geheugen van het joodse volk en de zigeuners toebehoort. Dat het zich in Vlaanderen bevindt doet niets terzake: joden uit Brussel en Wallonië kwamen er evengoed terecht.


Dat de Vlaamse Gemeenschap zich de toekomst van het museum aantrekt, kan overigens alleen worden toegejuicht. In alle delen van België heulde een minderheid actief mee met de bezetter. Het zijn uitgerekend die duistere      pagina's van de geschiedenis die het Museum opnieuw onder de aandacht moetbrengen. Geschiedenis die weerzin opwekt, maar tegelijk bewondering voor de heldenmoed van de vele mensen die joodse kinderen in veiligheid brachten, zowel in Vlaanderen als in de rest van België.


Voor alle duidelijkheid: wij pleiten er niet voor om het project van een Museum voor Mensenrechten te ontmantelen; zo'n project is meer dan nodig is op het moment dat het cordon sanitaire rond het Vlaams Belang op springen staat. En welke plaats is er beter geschikt voor zo'n museum dan het kamp van Breendonk, waar zoveel Vlaamse, Belgische vrijheidsstrijders werden mishandeld en vermoord?


De toekomst van het JMDV wordt nu in de handen gelegd van een adviescommissie met tien leden. Slechts één daarvan is joods. Maxime Steinberg, die geldt als de Belgische specialist bij uitstek als het over de Shoah gaat, ontbreekt. Wel aanwezig is een historicus die in kringen van joodse deskundigen op zijn zachtst gezegd omstreden is.


Een Joods Museum van Deportatie en Verzet ter nagedachtenis van de Shoah is een daad van berouw, zelfs al werd dat berouw nooit met zoveel woorden uitgesproken. Het is de erkenning van een volkerenmoord die zich, in tegenstelling tot vele andere, ook op Belgisch bodem heeft afgespeeld.


De verdwijning ervan kan echte democraten en humanisten alleen met verbijstering slaan. Het zou een overwinning zijn voor diegenen voor wie de Shaoh niet méér dan 'een detail in de geschiedenis' is. Wij zijn er vast van overtuigd dat niet de bedoeling van de Vlaamse regering kan zijn.


Monumenten dienen om iets te laten zien, niet om het te relativeren.


Joël Kotek , Viviane Teitelbaum en Jacques Zajtman (De auteurs zijn respectievelijk historicus, Brussels volksvertegenwoordiger en architect. Zij schreven deze bijdrage namens het Collectif Dialogue et Partage dat ijvert voor dialoog en voor vrede in het Nabije Oosten.)

{fotorow_titel}